“Humans cannot become successful stewards of Spaceship Earth with development ideals, scientific models and value sets that were shaped at the time of the empty world, when the population was small and the bounty of natural resources on this earth seemed endless.

Today, humanity lives in a full world (…). Economic theory therefore has to be updated, so as to adapt to the conditions of this full world. (…) Humanity’s transition into a full world also has to change the attitutes, priorities and incentive systems of all civilizations on this small planet.”

Deze passage uit Come On!, een recente publicatie van de Club van Rome, vat de grote uitdaging van ons fiscale stelsel samen: dit is gemaakt ten tijde van een lege wereld, waarin arbeidskrachten schaars was en grondstoffen volop beschikbaar. Inmiddels leven we op een volle wereld, waarin arbeidskrachten in overvloed aanwezig zijn en grondstoffen schaars worden. Het fiscale systeem is echter nog ingericht op onze lege wereld – en blijkt lastig te veranderen.

 

Verhogen van belasting op wat we niet willen

Ons fiscale stelsel is er vooral om inkomsten te genereren voor de Rijksbegroting, en daarmee publieke functies te kunnen financieren. De huidige inkomsten uit belasting op arbeid – €76,9 miljard voor 2022, conform de Miljoenennota – ligt echter ruim een factor tien hoger dan de inkomsten uit belasting op milieu – zo’n €7,1 miljard. Daarmee stuurt het fiscale stelsel op het minimaliseren van menselijke arbeid en wordt milieu-impact vrijwel niet belast. Bedoeld of onbedoeld.

Doordat het veroorzaken van deze milieu-impact vrijwel gratis is, zijn circulaire businesscases vaak lastig rond te krijgen. Daarbij gaat het niet alleen om CO2, maar ook om andere milieu-effecten zoals uitstoot van giftige stoffen of her verbruik van water. En waar de huidige CO2-belasting vooral kijkt naar uitstoot ‘aan de schoorsteen’, zijn circulaire modellen geholpen als ook de impacts in de keten worden meegenomen.

Tegelijkertijd creëert het verhogen van milieubelastingen weerstand bij onder meer de industrie, die waarschuwt voor banen- en productiviteitsverlies. Die argumenten maken politiek draagvlak voor een fiscale vergroening lastig. Terwijl de milieulasten juist essentieel zijn om het welzijn van de mens te waarborgen, sturen we nu de andere kant op naar een wereld die wij niet willen.

 

Verlagen van belasting op wat we wel willen

Naast het verhogen van de belasting op milieu is het verlagen van de belasting op arbeid een manier om circulaire businesscases te sluiten. Veel circulaire businesscases vragen immers om extra handjes, bijvoorbeeld voor reparatiewerkzaamheden. Ex’tax heeft in haar Deltaplan Belastingen een belastingverschuiving doorgerekend, die onder meer kan leiden tot €65 miljard extra bbp, 22 miljoen ton minder CO2-uitstoot en koopkrachtverbetering van de laagste inkomens.

Door de hoge belasting op arbeid hebben bedrijven zo veel mogelijk geautomatiseerd. Voor een deel is dit goed: denk aan robotisering in grote industriële productieprocessen. Maar wellicht zijn we ook doorgeschoten: denk aan het plastic folie om het plakje kaas in de kantine van grote bedrijfsrestaurants. Is dit niet verplicht is vanuit hygiëne? Helaas. Het machinaal verpakken van losse plakjes kaas is goedkoper dan het inhuren van een medewerker om op locatie plakjes kaas af te snijden. De plastic afvalberg krijgen we er letterlijk gratis bij.

Tegelijkertijd is het ook zo dat er op dit moment in Nederland meer banen zijn dan werkzoekenden: een argument om arbeid wél als schaars goed te zien. Maar daarbij worden de zo’n 1 miljoen ‘verborgen’ werklozen, die er op dit moment bewust voor kiezen om niet te werken, niet meegenomen. Wanneer werk meer loont, wil een deel hiervan mogelijk weer aan het werk.

 

Geen pleisters plakken

Het ontwerp van het belastingstelsel is een politiek besluit. Eerdere pogingen tot serieuze fiscale vergroening zijn in de Tweede Kamer gestrand, de meest recente in 2015. Een belangrijk uitgangspunt is dat we geen pleisters moeten willen plakken op een belastingsysteem dat al bezwijkt onder de pleisters van de afgelopen 20 jaar. Een grondige herziening (en vereenvoudiging), waarbij een aantal prikkels in de basis verschuiven, is de enige manier om het fiscale stelsel serieus te vergroenen.

Voor die fiscale vergroening is politiek draagvlak nodig – wat op dit moment ontbreekt. Een brede oproep vanuit het bedrijfsleven is op korte termijn de beste manier om dit draagvlak te organiseren. Ben jij het met ons eens? Laat je stem dan horen!

In samenwerking tot stand gekomen met Rogier Tesson, Mark Overman, Michel Schuurman, Hein Brekelmans, Yvonne Lang en Sybren Bosch. Springtij Forum 2021.

 

Foto: Anna van Kooij