In tijden van extreme droogte en hevige regenval wordt wel (of soms niet) begrepen dat het waterprobleem in de wereld uit de hand loopt. Grote financiële instellingen ontwikkelen investeringsmodules op basis van de enorme risico’s die nu worden gelopen De zeespiegel stijgt en 100.000 km kust verkeert in gevaar. Stormen nemen toe in aantal en kracht. De functie van de oceaan als klimaatpomp, voedselbron en transportvehikel staat onder spanning. Rivieren en meren drogen uit, terwijl elders de neerslag verhevigt. De beschikbaarheid en de veiligheid van het drinkwater zijn in het geding. Landbouwgrond verzilt en uitgestrekte gebieden verwoestijnen. We tellen straks honderden miljoenen klimaatvluchtelingen.

Al in de jaren 20 van de vorige eeuw waarschuwden Waterstaat-ingenieurs als Johan van Veen voor de belabberde toestand van de dijken, en met name voor die in de Delta. Zij voorzagen de ramp van 1953. Van Veen noemde zich Dr. Cassandra, naar de zieneres die de Trojanen vergeefs waarschuwde voor het gevaar dat in de buik van het houten paard school.

De gevarenzone ligt nu ver buiten Troje. Nederland beschikt met de Waterschapsbank, de Waterschappen, de Waterstaat en de Deltacommissaris over een bijzonder arsenaal om het water te beheren, te beheersen en te voorspellen. Ondertussen wordt de Noordzee ingeklemd tussen de tegenstrijdige ambities van Voedselproductie en Windparken. En straks zwemmen er meer plastic deeltjes dan vissen in de zee.

De mens kan niet zonder water. We hebben het nodig voor voedselvoorziening, transport en tal van andere activiteiten. Als transporteur van warmte heeft water ook nog eens grote invloed op het klimaat.

Op Springtij 2018 gaan we op zoek naar de balans tussen de mens en de functies van de zee en het water.