De Europese economie bevindt zich midden in de energietransitie. Er is een enorme beweging richting een klimaatneutrale toekomst. Met het huidige tempo zullen de Europese emissies richting 2050 ongeveer halveren. Dat is positief nieuws, maar tegelijkertijd onvoldoende. Halverwege is niet genoeg. Springtij laat zien wat er mogelijk is wanneer ruimte wordt gemaakt voor collectief denken. De wijsheid van de groep inzetten om de transitie te versnellen. Dat is de kracht van Springtij.
Financiële sector op Springtij
De financiële sector speelt een sleutelrol in het versnellen van de energietransitie. Aan de ene kant weerspiegelt zij de ‘echte’ economie: banken, verzekeraars en pensioenfondsen financieren en verzekeren de activiteiten die in de samenleving plaatsvinden (inclusief de bijbehorende emissies).
Aan de andere kant heeft de sector ook een krachtige sturende functie. Door kapitaal te laten stromen naar sectoren en bedrijven die toekomstbestendig zijn en bijdragen aan klimaatdoelstellingen, kan de financiële sector actief invloed uitoefenen op de richting en snelheid van de transitie.
Collectieve wijsheid van de groep
Juist deze uitdaging vormde het vertrekpunt voor een sessie tijdens Springtij Forum 2025. Veertig deelnemers uit uiteenlopende hoeken van de financiële sector kwamen samen om te verkennen hoe de transitie naar net zero versneld kan worden.
De sessie was bewust zo ontworpen dat niet één expert of organisatie centraal stond, maar de collectieve wijsheid van de groep. In de vorm van een innovatietoernooi werden deelnemers uitgedaagd om hun beste ideeën te delen, te combineren en verder uit te werken. Door in korte rondes perspectieven te wisselen, ontstond ruimte voor creativiteit, terwijl de inhoudelijke kennis en praktijkervaring van de deelnemers steeds leidend bleef. Dat leidde tot meer dan vijftig ideeën.
Resultaat sessie Springtij 2025
Van nieuwe manieren om transitierisico’s beter te beprijzen tot innovatieve financieringsconstructies en voorstellen voor aangescherpt toezicht. Uit deze brede verzameling selecteerde de groep uiteindelijk zeven ideeën met het meeste draagvlak en de meeste potentie, die vervolgens werden gepitcht aan een panel bestaande uit Anne Huibrechtse (ABN AMRO), Dorine van Basten (Triodos) en Harold Hendricks (Univé).
De winnende oplossing werd een Blended Finance Fonds voor boeren. Dit voorstel richtte zich op een financieringsplatform waarin private investeerders, overheid, verzekeraars en pensioenfondsen samenwerken om de transitie naar duurzame landbouw mogelijk te maken en te versnellen. Door risico’s te delen en publiek en privaat kapitaal te combineren, kunnen investeringen worden losgetrokken die anders moeilijk van de grond komen. Het idee laat zien dat versnelling richting net zero niet alleen draait om het afbouwen van vervuilende activiteiten, maar ook om het actief financieren van duurzame alternatieven.
Tegelijkertijd maakte de sessie duidelijk dat één winnend idee niet betekent dat andere voorstellen verdwijnen. Integendeel: juist de diversiteit aan ideeën bood aanknopingspunten voor vervolgacties door verschillende partijen, elk vanuit hun eigen expertise.
Moderator van de sessie was Hesse McKechnie, associate van het Sustainable Finance Lab (SFL) van de Universiteit Utrecht. Hij benadrukt het belang van deze aanpak: “De kracht van Springtij ligt voor mij in het bij elkaar brengen van mensen, met creativiteit en expertise vanuit allerlei invalshoeken, wat leidt tot een grote diversiteit én kwaliteit aan ideeën.”
Verdieping prudentiële transitieplannen
Voor Hesse leidde de sessie tot een verdere verdieping van één specifiek thema: de rol van toezicht en centrale banken in de klimaattransitie. Samen met Gerdie Knijp, projectmanager bij het Sustainable Finance Lab, richtte hij zich op de vraag hoe prudentiële transitieplannen kunnen bijdragen aan een geloofwaardig en minder risicovol pad richting net zero. Dat resulteerde in het eind januari gepubliceerde artikel Making prudential plans matter (zie publicatie).
In deze publicatie worden aanbevelingen gedaan aan toezichthouders (gebaseerd op zes no-regret-vragen) om duidelijkheid te scheppen voor de financiële sector over het belang van de Europese klimaatdoelstellingen en de manier waarop deze moeten worden meegenomen in risicobeoordelingen.
Vervolg Springtij 2026
De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) heeft aangegeven om te onderzoeken hoe ideeën uit de sessie verder opgepakt kunnen worden. Wees er maar zeker van dat Springtij deze kans zal nemen om er op Springtij 2026 een vervolg aan te geven.
Springtij laat zien wat er mogelijk is wanneer ruimte wordt gemaakt voor collectief denken. De ideeën, energie en betrokkenheid zijn aanwezig. Door die wijsheid te bundelen en te verbinden aan concrete vervolgacties ontstaan stappen, die Europa daadwerkelijk dichter bij een toekomstbestendige, klimaatneutrale economie brengen.





We staan voor enorme uitdagingen, groter dan ooit. Niet alleen de Corona-crisis maakt ons hiervan bewust. Ook voor corona was duidelijk dat diepgaande veranderingen nodig zijn. Maar de mens schuwt van nature vaak veranderingen en houdt graag vast aan het oude, bekende en vertrouwde. Inspiratie geeft je kracht, zorgt voor motivatie en wakkert je innerlijke passie aan. Voor welke uitdaging je ook staat, inspiratie zorgt voor de redenen waarom je iets echt graag wilt. Inspiratie zorgt ervoor dat je in beweging wilt komen en dat je vooruit wilt gaan. Inspiratie is iets heel persoonlijks, sommigen vinden inspiratie in de natuur, anderen in religie en geloof. Op Springtij gaan we kijken hoe we inspiratie kunnen inzetten om de duurzame transitie van Nederland te versnellen, op persoonlijk vlak en ook gezamenlijk.
Al voor Corona was het duidelijk: we kunnen zo niet doorgaan. Het systeem kraakt aan alle kanten, we overschrijden de draagkracht van de aarde en de sociale ongelijkheid wordt steeds groter. Het groei paradigma en de consumptie-waan van de afgelopen decennia zijn niet langer houdbaar. Globalisering maakt ons afhankelijk. Het is hoog tijd voor een grondige systeemverandering. Naar een rechtvaardig, ecologisch en sociaal verantwoord en duurzaam systeem. Hiervoor zijn stimulerende en regulerende maatregelen nodig. Een ander belastingsysteem, beprijzen van de ‘Commons’, nieuwe indicatoren (naast of in plaats van het BNP). De coronacrisis spoort ons aan om nu meteen aan de slag te gaan.
In het kernthema leiderschap gaat het over de hernieuwde verbindingen die nodig zijn voor samenleven. In de crisis gloort ook hoop. Wereldwijd staan mensen op, verenigen zich en willen een diepgaande verandering in onze samenlevingen.
Bij alle opgaven spelen mensen en sociale systemen de bepalende rol. Technische oplossingen werken alleen als ze gepaard gaan met sociale innovatie. Wereldbeeld, cultuur, sociale dynamiek en persoonlijke overtuigingen zijn evenzeer bepalend voor gedrag als regels, normen, prijsprikkels en technologie.
Een directielid van de Nederlandse Bank stelde recent dat ‘back to normal’ geen optie is. Dat leidt tot 3,7 graden opwarming en heeft catastrofale gevolgen voor onze samenleving. Stiglitz en Stern (Universiteit van Oxford) adviseren dat we nu moeten investeren in die sectoren die én de economie én het klimaatbeleid steunen. De Nederlandse doelen voor 2030 op klimaat- en ander gebied zijn helder én hoogstnoodzakelijk. Over hoe we daar komen valt nog wel wat te zeggen. Op Springtij gaat de industrie, overheden en maatschappij zoeken naar hoe ‘we’ dat gaan doen, wat ervoor nodig is én wat het kan opleveren.
Nederland leeft met water. Als deltabewoners heeft onze identiteit zich ontwikkeld met de meanderende rivieren, ons profijt van en ontzag voor de zee en ons polderlandschap. Hollandsche kunstenaars hebben deze identiteit gevangen in hun beelden en woorden.
Hoe ziet wonen en werken in een duurzame omgeving eruit? En welke stappen zijn zowel in de komende 10 jaar als in de volgende kabinetsperiode nodig om deze omgeving te ontwikkelen? Dit gaat niet alleen om onze energievoorziening, maar over een omgeving waarin onder andere beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen, gezondheid, sociale aspecten, mobiliteit en de verbinding tussen stad en regio in elkaar grijpen.